De samoerai vormden vanaf de late Heian-periode (ca. 794-1185) tot aan de Meiji-restauratie in 1868 de militaire elite van Japan. Hun positie was niet alleen gebaseerd op krijgskunst, maar ook op een complex systeem van eer, loyaliteit en sociale hiërarchie. Binnen deze context speelde het harnas (in het Japans yoroi, 鎧) een centrale rol, zowel praktisch als symbolisch.
Hoewel de samoerai bekendstaan om hun zwaard (katana), lag hun militaire oorsprong bij het boogschieten te paard (kyūba no michi). Het harnas was daarom aanvankelijk ontworpen om maximale bescherming te bieden tijdens deze vorm van oorlogvoering.
In latere perioden, vooral tijdens de Sengoku-periode (ca. 1467-1600), veranderde de aard van oorlogvoering naar grootschalige veldslagen. Hierdoor werd het harnas praktischer en minder ceremonieel. Tegelijkertijd bleef de esthetische waarde belangrijk, omdat uiterlijk en presentatie nauw verbonden waren met het concept van eer (bushidō).
Samoeraiharnassen waren geavanceerde producten van vakmanschap, waarin functionaliteit, esthetiek en symboliek samenkwamen. Ze weerspiegelen niet alleen de technologische ontwikkelingen van hun tijd, maar ook de sociale en culturele waarden van de samoeraiklasse. Het harnas beschermde het lichaam, maar fungeerde tegelijkertijd als een visuele representatie van identiteit, status en eer.
Verguld samurai-harnas ("kinkozane kurenai ito odoshi dōmaru gusoku"), uitgevoerd met rode koorden en opgebouwd uit gelakte lamellenplaten ("kozane"), compleet met een hoogwaardige zwartgelakte sujikabuto-helm, samengesteld uit vierenzestig platen, met kleine fukikaeshi versierd met een in reliëf uitgewerkt familiewapen van drie valkenveren binnen een cirkel ("maru ni mitsu takanoha mon") bekroond met een maedate in de vorm van een vergulde zon met dertien stralen.
De helm voorzien van een vierdelige nekkraag ("shikoro") ter bescherming van de nek met een zwartgelakt gezichtsmasker met de trekken van een oude man, met afzonderlijk neusstuk en bruine snor ("resseibō"), waaraan een vierdelige halsbeschermer ("nodowa") is bevestigd, de schouders worden beschermd door vergulde zevenledige sode, gecombineerd met maliënkolder ("kusari") en vergulde metalen kalebasvormige elementen op rood brokaat bij de armstukken("fukubekote"), het tweedelige borstpantser ("nimaidō") is opgebouwd uit gelakte en met koorden verbonden vergulde kozane-platen, waaraan een rok van zes, elk uit vijf delen bestaande kusazuri is bevestigd, de bovenbenen worden beschermd door haidate met zwartgelakte karuta-platen op textiel, verbonden met rode koorden, terwijl de onderbenen beschermd worden door verticale vergulde metalen strips op rood brokaat ("shinosuneate") met een brokaten gordel, Japan, Edo-periode circa 1800.
Catalogusnummer: 1519
Taxatie: € 9.000 - € 11.000



